Taboe 

Sven over taboes

"Ik denk wel eens: misschien wordt het juist wel tijd voor een paar nieuwe taboes. In een tijd waarin moeders hun kinderen de rug toe keren om zo lang mogelijk te verdwijnen in de ´Gouden Kooi´, sommige meisjes klaarblijkelijk het bed induiken voor een breezer en iedereen te pas en te onpas om het hardst roept wat hij vindt - ongeacht de consequenties voor anderen - kan het geen kwaad soms weer wat meer gêne en remmingen te voelen.Vind ik tenminste. Zonder overigens te verlangen naar een nieuw Victoriaans tijdperk."

Sven Kockelmann

"De KRO is mijn tweede familie"

Trefwoorden: presentator van Netwerk, getrouwd en vader van twee kinderen, journalist, KRO’er in hart en nieren en columnist van KRO’s Studio.

Svens carrière in een notendop…
“Al vanaf mijn twaalfde weet ik dat ik televisiejournalist wil worden. Het was daarom vrij logisch dat ik naar de school voor journalistiek in Utrecht ging. Mijn eerste stage liep ik bij – het ter ziele gegane – ‘Dagblad het Binnenhof’. Daar heb ik de fijne kneepjes van het krantenvak geleerd. Tijdens mijn studie werkte ik ook op de sportredactie van de ‘Krant op zondag’. Mijn tweede stage liep ik bij VARA’s ‘Achter het Nieuws’. Daarna bleef ik kort bij ‘Met Witteman’, wat later de ‘Ronde van Witteman’ zou heten, werken en was ik redacteur bij 'Kenmerk' van de IKON. Totdat Fons de Poel mij vroeg voor 'Reporter'. Van hem heb ik het televisievak pas écht geleerd. Reporter werd omgedoopt tot Brandpunt - voor mij dé actualiteitenrubriek. In 1996 werd 'Brandpunt' Netwerk en vanaf 1999 presenteer ik het programma vanuit de KRO.“

En toen werkte je bij de KRO. Wat is de KRO voor jou?
“Vanaf mijn Brandpunt-tijd ben ik onlosmakelijk verbonden met de KRO. Van huis uit ben ik katholiek, dus wat dat betreft past deze omroep prima bij mij, maar de KRO is meer voor me. Eigenlijk is deze omroep mijn tweede familie. Ik kan wel zeggen dat ik de afgelopen twaalf jaar meer hier in Hilversum ben geweest dan in mijn eigen huis. Ik voel me hier ook erg thuis qua sfeer en wat de journalistieke opvattingen betreft. De KRO is op een enorm positieve manier met de samenleving en met haar eigen toekomst bezig. En ik hoop aan deze goede toekomst te kunnen bijdragen.”

Wat is iets dat men niet zou verwachten op je cv aan te treffen?
“Bedoel je bijvoorbeeld het vakantiebaantje waarin ik washandjes van een bekend wasmiddelenmerk moest inpakken? Of die twee weken dat ik onherkenbaar verkleed in een heel groot pak door het Flevopark wandelde? Of het feit dat ik - naast mijn reguliere baan - acht jaar lang een sportprogramma voor de MOS – Lokale Omroep in Maarssen maakte, maar misschien is dit iets minder onverwacht...”

Soms presenteer je ‘1 op de Middag’. Als je moest kiezen: wordt het dan radio of televisie?
“TV is mijn grote liefde en mijn passie en dat weet ik al heel lang. Op televisie kan je mensen laten zien wat er in de wereld gebeurt en de impact is zo groot. Radio is gewoon heel leuk om te doen. Radio is wel het meest intiem en sfeervol. Op de radio kan je nog eens een grap maken. Op televisie kan je dit in veel gevallen beter maar niet doen.”

En wat is/zijn jouw favoriete tv programma‘s?
“'Netwerk' omdat ik dat geweldig vind om te maken. Ik vind het prettig om nieuws te kantelen en te vertalen naar reportages waar mensen hopelijk iets aan hebben. Ik denk meteen aan BBC’s 'Newsnight' omdat wat ze brengen journalistiek zo goed is. En omdat het programma zo’n enorme staat van dienst heeft. Maar het wordt de laatste tijd wel een beetje sleets. 'Barend & Van Dorp' vind ik tóch meestal weer verrassend. Ook ‘De Avondetappe’ (waarin Mart Smeets de Tour etappe van de dag bespreekt) is een heerlijk programma. Smeets is nou eenmaal de beste wielercommentator en heel goeie presentator. ‘Met het oog op Morgen’ en ‘Langs de Lijn’ zijn ook favoriet. Oh, ja en 'RTL-Boulevard' is ook best leuk om naar te kijken!”

Noem 1 van de 10 KRO beloftes…welke past het beste bij jou?
“’Ik wil leven!’ Niet omdat ik bang ben om dood te gaan. Maar meer in de trant van: ‘ik adem om te kunnen leven’. Vanaf de moord op Fortuyn zijn velen in Nederland zo opgefokt. Een paar maanden na de moord op Fortuyn zat ik in Australië en het was daar zo prettig relaxt. Toen ik vanuit daar uit aan het verre Nederland dacht, dacht ik aan ratten in een veel te kleine kooi. Gaf iedereen hier elkaar maar eens wat meer de ruimte en maakte iedereen maar gewoon eens pas op de plaats!”